In verband met het coronavirus zal er voorlopig geen inloopspreekuur op donderdag plaatsvinden.

 

 

Nieuwsbrief

Nieuwsbrief december 2019 met o.a. huwelijksvoorwaarden en erfbelasting, wonen in een berging?

 

Mag ik wonen in een berging?

In akten van splitsing wordt in het reglement bepaald wat het toegestaan gebruik is van de appartementen. Daarnaast zijn de appartementen ook op een bepaalde manier beschreven. Wat geldt als er een tegenstrijdigheid lijkt te zijn tussen de omschrijving van het appartement en het reglement?

 

De rechter heeft bepaald dat niet alleen naar het toegestaan gebruik volgens het splitsingsreglement gekeken moet worden. Het ging in deze om een appartement dat was omschreven als "bovenwoning, gelegen op de tweede verdieping met berging op de zolderverdieping". In het reglement stond dat het appartement bestemd was om te gebruiken als woning. Mag je die zolder dan ook gebruiken als logeerkamer of als wasmachineruimte?

 

De rechter oordeelde dat het gebruik als logeer-, slaap-, werk-, en/of wasruimte verenigbaar was met de bestemming in de splitsingsakte, namelijk "woning". De zolder wordt echter omschreven als "berging" waardoor die zolder in dit geval toch een smallere gebruiksmogelijkheid heeft dan het ruimere begrip "woning". De zolder mag uitsluitend als "berging" worden gebruikt. Vervolgens oordeelde de rechter dat een verblijfsruimte voor personen in een berging niet is toegestaan. In het woordenboek wordt een berging immers omschreven als een ruimte om iets op te bergen. Wel wordt een berging/opslagruimte in Nederland volgens de rechter vaak als ruimte voor een wasmachine benut. Omdat het gebruikelijk is, mag dat dus ook van de rechter.

 

Voor vragen of advies over de uitleg van splitsingsakten en het splitsen in appartementen, neem contact op met Marlette Evenhuis.

 


Huwelijksvoorwaarden en erfbelasting

Huwelijksvoorwaarden zijn een belangrijke manier om ervoor te zorgen dat je vermogen terechtkomt bij de door jou aangewezen personen. Bij scheiding is dat meestal niet de ex en bij overlijden meestal niet de belastingdienst. Vanwege ontwikkelingen in de rechtspraak en wetgeving, is het van belang om niet alleen testamenten maar ook huwelijksvoorwaarden regelmatig te laten beoordelen door een expert.

 

Ter voorkoming dat bij overlijden te veel erfbelasting verschuldigd is, staat in veel huwelijksvoorwaarden een zogenaamd finaal verrekenbeding. Dit zorgt ervoor dat het totale vermogen bij overlijden gedeeld wordt, waardoor er per saldo na het overlijden van beide echtgenoten zo min mogelijk erfbelasting verschuldigd is. Het nadeel van een dergelijke bepaling is dat bij het eerder overlijden van de minst vermogende echtgenoot er op dat moment meer erfbelasting verschuldigd is. Om die reden wordt nog wel eens opgenomen dat er gekozen kan worden om al dan niet te verrekenen.

 

De rechter heeft heel wat jaren geleden al aangegeven dat dit fout ging als er pas bij einde van het huwelijk gekozen kon worden. Wanneer er op ieder moment gedurende het huwelijk gekozen kon worden, zou het wel goed gaan. De rechter heeft nu uitgemaakt dat een dergelijk facultatief verrekenbeding in combinatie met een vruchtgebruik testament tot ongewenste gevolgen leidt.

 

Volgens de rechter is het dan zo dat het vruchtgebruik dat de langstlevende krachtens het testament verkrijgt dan tegen betaling geacht wordt te zijn verkregen. Dat heeft tot gevolg dat een heel vervelende bepaling uit de Successiewet gaat werken. Die bepaling zorgt er voor dat bij overlijden van de vruchtgebruiker (dat is de langstlevende echtgenoot),  het vermogen dat onder het vruchtgebruik valt nogmaals geheel met erfbelasting wordt belast.

 

Voor meer informatie over huwelijksvoorwaarden in combinatie met testamenten, kunt u contact opnemen met Peter Kooijman.

 


Vrijstelling overdrachtsbelasting ondanks vervreemding

Bij juridische splitsing van een vennootschap is er onder voorwaarden geen overdrachtsbelasting verschuldigd. Eén van die voorwaarden is het niet vervreemden van de aandelen binnen drie jaar. De rechter oordeelde onlangs dat de vrijstelling niet werd teruggenomen ondanks dat er wel binnen drie jaar werd vervreemd.

 

De Hoge Raad heeft geoordeeld in een situatie waarin een vennootschap die in brandstoffen handelt, via een juridische afsplitsing haar tankstations heeft laten overgaan naar een nieuw opgerichte BV. Vervolgens werden één dag na die splitsing alle aandelen van deze verkrijgende BV overgedragen aan een derde.

 

Volgens de wet is de splitsing vrijgesteld van overdrachtsbelasting indien de splitsing niet in overwegende mate gericht is op het ontgaan of uitstellen van belastingheffing. Dit wordt geacht het geval te zijn indien de splitsing niet plaatsvindt op grond van zakelijke overwegingen zoals herstructurering of rationalisering van de actieve werkzaamheden van de splitsende en de verkrijgende rechtspersonen. Tenzij het tegendeel aannemelijk wordt gemaakt, worden zakelijke overwegingen niet aanwezig geacht indien de aandelen van de gesplitste- dan wel de verkrijgende vennootschap binnen drie jaar na de splitsing geheel of ten dele aan een derde worden vervreemd.

 

Ondanks dat er binnen drie jaar is vervreemd werd geoordeeld dat de splitsing niet in overwegende mate is gericht op het ontgaan of uitstellen van belastingheffing. Er werd aannemelijk gemaakt dat de splitsing heeft plaatsgehad puur op bedrijfseconomische, commerciële en marktstrategiegronden. Deze genomen ondernemingsbeslissingen leiden tot herstructurering en rationalisering van de bedrijfsvoering van de bij de splitsing betrokken vennootschappen.

 

Voor meer informatie over juridische splitsingen en de vrijstelling van overdrachtsbelasting, neem contact op met Yusuf Bagci.

 

 


Verkoper na aandelen overdracht aansprakelijk jegens schuldeiser

Als verkoper van aandelen loop je een risico indien je de aandelen zomaar verkoopt zonder je te bekommeren over de financiën van de koper. Als koper er een potje van maakt, kunnen schuldeisers van de BV waarvan de aandelen zijn verkocht, een verkoper aanspreken.

 

De rechter heeft onlangs geoordeeld dat een overdracht van aandelen onrechtmatig was jegens een schuldeiser van een BV.

De casus was als volgt. X was aandeelhouder van een BV en heeft alle aandelen aan een stichting verkocht voor 1.000,00 euro en is vervolgens afgetreden als bestuurder van de betreffende BV. X had de bestuurder van de stichting slechts één keer ontmoet via zijn boekhouder. X heeft daarbij nagelaten onderzoek te doen naar de achtergrond van koper. De koopprijs was verder niet onderbouwd en er was nagelaten om vast te stellen of deze koopprijs reëel was. De BV had echter nog betalingsverplichtingen jegens een schuldeiser. Er waren ook geen afspraken gemaakt met koper met betrekking tot het overnemen van bestaande betalingsverplichtingen.

 

Achteraf bleek dat koper iemand was die bedrijven opkocht en vervolgens probeerde te herstructureren. Hij was niet van plan om de schuldeisers ooit te betalen. X had moeten voorzien dat door de verkoop van de aandelen in de BV de schuldeiser zou worden benadeeld en had hem op zijn minst moeten waarschuwen. Via een eenvoudig onderzoek op internet was eenvoudig te achterhalen dat koper bekend stond als katvanger in vele faillissementen en zelfs hiervoor strafrechtelijk was veroordeeld. X kon zich niet verschuilen achter zijn boekhouder die de koper had geïntroduceerd.

 

Bent u van plan om de aandelen in uw vennootschap over te dragen laat u dan goed adviseren en zorg dat u zelf ook op de hoogte bent met wie u zaken doet.

 

Voor de begeleiding van uw aan- of verkooptraject van aandelen of meer informatie over de overdracht van aandelen kunt u contact opnemen met Aileen van Driel.

 

 


 

« Terug naar het overzicht